-
Accueil
>
- 1916, de Duitse tijd >
- De levensomstandigheden >
- Voeding en ondervoeding
Voeding en ondervoeding
Voeding is een van de voornaamste bezorgdheden van de bevolking van de bezette gebieden. De Commission for Relief in Belgium (C.R.B.) wordt opgericht door de Amerikanen en streeft naar een regelmatige voedselvoorziening. In het Noorderdepartement wordt de commissie afgelost door het Comité d’Alimentation du Nord de la France (C.A.N.F.). De Duitsers verbinden zich ertoe de aan de burgerbevolking geleverde producten niet in beslag te nemen. In 1916 ontvangt elke inwoner ongeveer het volgende per dag: 200g bloem, 14g maïs, 60g rijst, 48g spek of vlees in conserven, 15g suiker, 19g koffie en 16g zeep. De dagelijkse voedselportie bedraagt zo 1100 à 1300 calorieën per dag, hetzij ongeveer de helft van de normale portie die ongeveer 2000 à 2500 calorieën bevat.
De C.R.B. en C.A.N.F. hebben de bevolking gered van de hongersnood. De ondervoeding heeft echter geleid tot een aanzienlijk hoger sterftecijfer en tot rampzalige fysieke gevolgen voor de kinderen. Aangezien de bevolking verzwakt is door onvoldoende voeding kan de Spaanse griep zich gemakkelijk verspreiden. Deze griep maakt de gevolgen van de oorlog nog erger.