-
Accueil
>
- 1917-1918, DE WEDEROPBOUW >
- Wederopbouw van de politiek >
- Werken aan de vrede
Werken aan de vrede
Als de oud-strijders weer thuis zijn, denken de meeste dat er na de Grote Oorlog geen oorlogen meer zullen komen. Een zeer sterke pacifistische beweging palmt het land in. Pacifistische en antimili¬taristische politieke verenigingen en bewegingen zijn er echter maar weinig.
Met het Verdrag van Versailles wordt echter de Volkenbond opgericht, met de ambitie om de vrede een rechtsbasis te geven. Verschillende politici steunen dit project. Louis Loucheur, geboren in Roubaix, afgevaardigde van Nord en enkele keren minister, strijdt voor de samenstelling van een Europees staalkartel met Franse en Duitse ijzer- en staalfabrikanten. Samen met Walter Rathenau onderhandelt hij ook over de schadeloosstellingen die Duitsland verschuldigd is.
Jean Lebas, burgemeester van Roubaix en verzetsheld tijdens de Eerste Wereldoorlog, is zeer actief in het Internationaal Arbeidsbureau (IAB) en stelt mee de aanbevelingen van de IAO op i.v.m. de arbeidsduur, vrouwen- en kinderarbeid, ... Onder leiding van Albert Thomas verdedigt het IAB de idee dat vrede alleen op sociale rechtvaardigheid gebaseerd mag zijn.
René Cassin, professor aan de rechtsfaculteit van Rijsel van 1919 tot 1929, is de bezieler van de wet van 1919, die de oorlogsinvaliden een recht geeft op pensioen. Hij ijvert er binnen de IAO voor dat de oorlogsinvaliden de nodige prothesen krijgen, en hij richt de eerste internationale vereniging van oud-strijders op, met soldaten van beide kampen, waarbij Duitsers en Oostenrijkers samen worden gerekend.