Document précédent Document suivant
Cliquez pour zoomer dans l’image
« La reconstitution agricole », dans L’œuvre de Reconstitution et la Solidarité française, édition du Comité d’Action des Régions dévastées, 1925, pp.153-160, AdN - BA 6282
Cliquez pour zoomer dans l’image
Récupération de bétail allemand. Arrivée de juments en gare de Saint-André. Arrivée de vaches en gare d’Haubourdin, dans le Grand Hebdomadaire illustré de la Région du Nord de la France,, 2e année, n°17, 25 avril 1920, pp. 133-134, AdN - Jx 326/1

Herstel van de bodem

De bevolking ravitailleren blijft een probleem. In 1919 beschikt elke inwoner maar over 500 g aardappelen en 100 g vlees per dag en de prijzen schieten de hoogte in. Het komt erop aan de akkers zo snel mogelijk opnieuw te bewerken. In eerste instantie worden Chinezen en Duitse krijgsgevangenen ingezet voor de ontmijning, maar later, naarmate de demobilisatie vordert, worden ze vervangen door burgerlijke ontmijners. De dienst uitrustingen en privéonder¬nemers moeten het prikkeldraad en de munitie verwijderen; de boeren gooien de loopgraven en sappen op hun grond dicht. De bunkers in de velden worden in orde gehouden en de eigenaars krijgen een vergoeding voor de grond die ze daardoor verliezen. Vanaf de lente van 1920 wordt opnieuw gezaaid. Het Office de la reconstitution agricole (O.R.A. – dienst voor de wederopbouw van de landbouw) staat aan de boeren niet alleen dieren af, zodat ze hun veestapel weer kunnen aanleggen, maar ook een aantal landbouwmachines. In 1923 is de veestapel naar schatting weer bijna even groot (80%) als in 1912 en de voornaamste land¬bouwproducten beslaan weer dezelfde oppervlakte als vóór de oorlog. Op het einde van de jaren twintig scoort de landbouw een recordopbrengst. Doordat de vroegere perceelsgrenzen door de oorlog overhoop zijn gehaald, moeten ze opnieuw worden ingevoerd, maar de boeren zijn terughoudend en dus kan van de gelegenheid geen gebruik worden gemaakt om de gronden volledig te herverkavelen.