-
Accueil
>
- 1914, het vreselijke jaar >
- Leven aan het front >
- Geëxecuteerd als voorbeeld
Geëxecuteerd als voorbeeld
Na de nederlaag in Charleroi trekken de Franse troepen zich terug in de chaos. De Generale Staf vreest voor paniek die zou kunnen leiden tot de nederlaag van het Franse leger. In het begin van de maand september beslist de generaal Joffre om het Duitse leger aan de Marne tegen te houden.
Het is in die omstandigheden dat het 327ste infanterieregiment op 6 september 1914 wordt overgehaald om tirailleurgaten te graven nabij Les Essarts-lès-Sézanne in de Marne. ’s Nachts ondergaan de troepen de aanval van een Duits snelvuurkanon. Hierop volgt de missie “redden wie zich redden kan”.
De generaal Boutegourd, die door het geschut en de drukte wordt gewekt, kruist een groep van acht manschappen waarvan er één weet te ontsnappen. De zeven anderen worden tegengehouden en geëxecuteerd op 7 september om 8.30 uur ‘s morgens.
Generaal Boutegourd, die oorspronkelijk officier was van de koloniale troepen en brigadegeneraal die onder de omstandigheden aan het hoofd van een divisie werd geplaatst, toont een onverbiddelijke halsstarrigheid. Ondanks de interventie van meerdere officiers ten gunste van de gearresteerde soldaten blijft hij bij het bevel tot executie. Hiermee wil hij kost wat kost zijn capaciteit van bevelvoering bewijzen, die vervolgens tijdens de oorlog ter discussie wordt gesteld.
De zeven geëxecuteerde manschappen zijn afkomstig uit het Noorderdepartement en de Pas-de-Calais: Alfred Delsarte (Fresnes-sur-Escaut), Gaston Dufour (Rumegies, Maulde), Gabriel Caffiaux (Bermerain), Palmyre Clément (Château-L’Abbaye), Eugène Barbieux (Saint Amand), Désiré Hubert (Trith Saint Léger) en François Waterlot (Montigny-en-Gohelle). Als bij wonder overleeft François Waterlot de executie en neemt hij zijn dienst weer op. Hij wordt gedood aan het front op 10 juni 1915.