Document précédent Document suivant
Cliquez pour zoomer dans l’image
"Le mouvement irlandais", "Une auto visitée par les soldats", Le Grand Hebdomadaire illustré du Nord de la France, n° 15, 1e année, 11 avril 1920, page 116, AdN - Jx 326/1
Cliquez pour zoomer dans l’image
"Les troubles en Irlande", "Un barrage de sacs à sable", Le Grand Hebdomadaire illustré du Nord de la France, n°33, 2e année, 15 août 1920, page 258, AdN - Jx 326/1

De oorlog van Ierland

In het begin van de Wereldoorlog is de inzet van de Ieren in het Britse leger zeer belangrijk. In totaal zijn er 200.000 Ierse strijders aanwezig in het Oosten en aan het westerse front. Veel soldaten zetten zich in omwille van economische redenen en om weg te vluchten van de miserie. Een deel van hen wordt beïnvloed door politieke overwegingen, ofwel omdat ze de Home Rule, het onafhankelijkheidsstatuut, ondersteunen, ofwel omdat ze hun gehechtheid aan de Britse kroon willen tonen. Op Pasen 1916 roepen 1600 opstandelingen de Ierse onafhankelijkheid uit in Dublin. Zes dagen later geven ze zich over. Het project om in de lente van 1918 de dienstplicht in te voeren op het eiland versterkt de vijandigheid van het volk ten opzichte van de Britten. Van januari tot juli 1921 woedt de Brits-Ierse oorlog tussen het Ierse Republikeinse Leger, I.R.A., en de politie, het Britse leger en de paramilitaire groepen, Blacks en Tans, die terreur zaaien, zonder dat ze erin slagen om de beweging tegen te houden. De oorlog eindigt met de onafhankelijkheid van Ierland. De graafschappen van Ulster blijven de Britse kroon trouw, maar dat gebeurt niet zonder interne conflicten en een burgeroorlog.